Ondankbare nasmaak

Een ondankbaar gevoel bekruipt me. Als hulpverlener, maar ook als mens.
Al weken worden we in het nieuws op allerlei manieren gevoerd met positieve en negatieve berichten over de vluchtelingenstroom. Maar het bericht op internet dit weekend, trof me in verschillende opzichten.

Gelezen op internet:

Gisteren zijn er in de Koepelgevangenis tientallen Syrische vluchtelingen in hongerstaking gegaan. Hier worden tijdelijk 250 azielzoekers opgevangen en ze zullen nog langer moeten wachten op asiel.
Het protest komt voort uit een reactie op de open brief die staatssecretaris Klaas Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) deze week naar de vluchtelingen stuurde.
Hierin liet Dijkhoff weten dat de asielzoekers nog minstens een half jaar moeten wachten op hun asielprocedure. Ze kunnen zich nog niet aanmelden en zonder een (tijdelijke) verblijfsvergunning kun hun familie nog niet naar Nederland komen. Twee Syriërs die in Haarlem verblijven in hebben aangegeven terug te keren naar Syrië, dit is bevestigd door de Dienst Terugkeer en Vertrek: “Dat is uitzonderlijk. Er vertrekken wel vaker asielzoekers, maar niet voordat hun procedure is gestart.”

We zijn zo tolerant, we zetten de grenzen open voor iedere vluchteling. Een politiek steekspel is het gevolg, er zijn nu eenmaal voor- en tegenstanders. Maar daar hebben al die vluchtelingen geen boodschap aan, voor hen telt maar één ding… veiligheid.
Maar dan blijkt dat diezelfde politiek alle druk en problemen over het hoofd heeft gezien. Het staat goed in het Europese imago, die duizenden vluchtelingen die een plekje krijgen, maar de bureaucratie werkt een beetje tegen.
En moet de staatssecretaris openlijk toegeven, dat een asielaanvraag wat langer gaat duren. Gevolg…. lees het bericht nog maar eens goed.

Ik begon deze blog over het ondankbare gevoel dat mij bekruipt bij het lezen van het bericht.
Als hulpverlener lees ik de berichten van collega’s, die onder meer in Amsterdam ondersteunen bij de opvang van vluchtelingen. Vaak hartverwarmend om te lezen, hoe mensen “blij” worden van een beetje aandacht, rust en hulp. Echt, dat soort berichten geven een goed gevoel.
Als mens sta ik een beetje dubbel in het verhaal. Natuurlijk moeten we ervoor zorgen, dat deze mensen opgevangen worden, maar gelijktijdig zijn het er steeds meer…. en kan de regering niet aangeven waar de limiet ligt. Maar het menselijke houdt de overhand, en luister en kijk ik verschrikt naar de mensen, die met opruiende taal en acties zich tegen de asielzoekers richten.

En dan lees ik op internet, dat asielzoekers in hongerstaking gaan, omdat men langer op de opvangplek zal moeten blijven dan eerder verteld is. Dat men moet wachten tot de asielprocedure gestart kan worden. En ineens krijg ik een vreemde smaak in mijn mond, die van ondankbaarheid.
Vele Nederlanders, vaak nog vrijwillig ook, zetten zich in om de vluchtelingen op te vangen. Staan brood te smeren voor honderden hongerige monden, luisteren naar de verschrikkelijke verhalen, proberen levens wat draaglijker te maken, ongeacht de plek waar de vluchtelingen tijdelijk geplaatst worden.
Als klap op de vuurpijl ontkent het COA dat er dergelijke acties zouden zijn.

Het slot van het artikel duwt mij in verwarring. Twee Syriërs in Haarlem gaan “liever terug naar Syrië dan te wachten op asiel”. En gek genoeg begrijp ik ineens al die mensen, die niet geloven in al die noodzaak. Blijkbaar is het in Syrië lang niet zo erg dan we denken. Mensen die heel Europa door gereisd zijn uit angst voor alle verschrikkingen in hun thuisland, gaan net zo gemakkelijk terug als het tegen zit.
De omstandigheden in sommige opvangcentra zijn misschien geen vijf Michelinsterren waard, maar er wordt hard aan gewerkt om het draaglijk te houden. Maar zes maanden wachten op asiel, nee dat is het dus niet waard….. Mag ik dat dan “ondankbaar” vinden?

Advertenties

Auteur: Paul

Reken mezelf tot de 50+, getrouwd, 3 kinderen. Werkzaam in Maatxchappelijke Opvang, fervent blogger, fotografie, Social Media. Kritisch, soms wat cynisch maar vooral ... mens